|
Hebzucht is van alle tijd. Greed werpt een meer geamuseerde blik op dit toch wel destructieve gedrag binnen onze samenleving. Na een concertante opening volgt een opbouw waarin de titel op muzikale wijze wordt geëxposeerd. De stapeling van melodische motieven die elk steeds één toon meer bezitten illustreert “het alsmaar meer en meer”, dat onze samenleving lijkt te beheersen. Het accelerando waarmee dat gepaard gaat onderstreept dit ook nog eens.
De gedeeltes daarna werpen daarop een soms relativerende en geamuseerde, soms ook meer bedenkelijke blik op het thema. Het geheel wordt vanzelfsprekend wel optimistisch afgesloten. Het werk is behalve (deels) programmatisch vooral bedoeld als een afwisselend en intensief werk. Intensief qua karakter maar ook intensief voor de spelers die soms zeer snel moeten wisselen tussen de gestemde en ongestemde instrumenten in hun partij.
|